|
Koopzondag
Vroeger moest ik op zondag om 11 uur ’s ochtends gaan werken. Voor Radio Rijnmond in boekhandel Donner. Dan was de stad nog stil en leeg. Je kwam wat mensen van de Roteb tegen die de patatzakken van de vorige dag stonden op te vegen. Wat vroege gokkers die voor de deur van het casino op de Oude Binnenweg stonden te wachten. En een paar dronken droppies die nog bezig waren van de nacht daarvoor.
Stilte voor de storm. Want als ik dan om 2 uur weer terugfietste was de stad druk en vol. En gezellig.
De regering wil nu 3 van de 4 koopzondagen in de maand gaan afschaffen. Zodat we naar de kerk kunnen of in de socialistiese bijbel kunnen gaan lezen. Mantelzorg kunnen doen bij Opa en Oma. Of als vrijwilliger bij de scouting gaan. (Terwijl we daar de pedofielen toch al voor hadden?)
Nee, roepen ze, dit is geen betutteling. Dit is om de kleine middenstander te helpen die anders nooit een dag vrij is.
Dat, meneer en mevrouw regering, is altijd nog beter dan failliet. Op zondag draait de middenstand 20% van de omzet van de hele week. Zonder die 20%, die de klanten echt niet ineens op maandag gaan lopen goedmaken, moet je je ene weekendhulp ontslaan, moet je je arbeidsongeschiktheidsverzekering opzeggen, en je kinderen weer aan het werk zetten.
Een ondernemer, of het nu een kleine of een grote is, kiest voor vrijheid. Die steekt zijn klauwen uit de mouwen in plaats van te piepen dat de regering de beslissingen maar moet nemen. Voor hun bestwil.
Van mijn bestwil blijf je maar netjes af. Als ik een dag vrij wil, bepaal ik zelf wel welke dag. En dat is niet die zondag waar je je vroeger als kind al de pleuris verveelde.
En niet die dag des Heren, want ik ben een vrouw.
De koopzondag afschaffen? Stelletje bemoeizuchtige truttekoppen.
|