|
Schoorsteen
Het was toen de zon nog niet scheen. En januari en februari grijs en grauw voorbijtrokken. Dat ik mezelf blij ging maken. Ik ging gewoon een houtkachel kopen. Ik had deze winter drie keer een hele dag in de vrieskou gezeten omdat mijn verwarmingsketel vond dat hij steeds weer ergens anders aan kapot moest gaan.
En dat zou me niet meer gebeuren met zo’n gezellig brandend ding in mijn huis. Ik had wel een stokoude schoorsteen maar ik had op internet opgezocht dat ze er dan gewoon een dubbelwandige pijp in schuiven en dat je dan meestal al binnen 24 uur de aanmaakhoutjes in de hens kon steken.
De firma schoorsteenveger kwam. Twee stoere mannen met een heleboel touw en een paar ijzeren kogels. Ik had een gaatje gemaakt in de schoorsteen. ‘Heb je er wel een aanstekertje in gehouden, om te kijken of je trek hebt?’ vroeg de ene schoorsteenman. Ik was gewoonweg beledigd. Natuurlijk had ik dat gedaan.
Maar je weet hoe mannen zijn. Hij pakte een stukje oude krant en stak dat aan, in het gat. De rook trok hartstikke mooi weg. Had ik toch gezegd! Een van de mannen ging het dak op. ‘Ik roep even om te zien welke schoorsteen het precies is.’ De ander bleef rustig wachten. En ik ook. Maar er gebeurde niks. De benedenman en ik keken elkaar vragend aan. ‘Hij zal er toch niet afgevallen zijn?’ vroeg ik nog.
Toen ging de telefoon. ‘Ja?’ vroeg de benedenman aan de bovenman, ‘WAT, geen schoorsteen?’ Bleek ik alleen luchtafvoerkanalen op het dak te hebben. Waar die trek dan vandaan kwam? Oh, mijn hele slaapkamer stond onder de rook en stonk de rest van de week naar een steenkoolmijn.
Maar ik heb er wel erg de slappe lach van gekregen. Van dat ‘Wat, geen schoorsteen?”. Maar als iemand nog iets heeft aan een paar kub aanmaakhoutjes?
|